INGEZONDEN door Jacques Brisant

De mondiale linkse elite valt over de Amerikaanse president Trump heen, sinds zijn regering inreisbeperkingen heeft opgelegd aan reizigers uit landen met een hoofdzakelijk islamitische bevolking. In Nederland was premier Rutte er snel bij deze maatregel af te wijzen. Ook PvdA-leider en vicepremier Asscher heeft de maatregel veroordeeld. Hij noemde mensen weigeren op basis van geloof of geboorteplek discriminatie en sprak van een klap in het gezicht van de vrije wereld. Maar in eigen land worden de gevolgen van het islamitisch antisemitisme verzwegen en wordt Jodenhaat in de sport zonder weerwoord toegestaan.

Selectieve verontwaardiging

De hysterische uitingen van verontwaardiging van Rutte en Asscher zijn buitengewoon ongeloofwaardig. Diezelfde verontwaardiging ontbreekt ten opzichte van landen die een inreisverbod hanteren voor mensen uit Israël. Mensen met een Israëlisch paspoort worden geweigerd en direct gedeporteerd uit Iran, Irak, Algerije, Yemen, Koeweit, Pakistan, Sudan, Saudi-Arabië, Syrië, Libanon, Maleisië, Libië, Brunei, de Verenigde Arabische Emiraten, Oman en Bangladesh. Niet toevallig allemaal landen die een hoofdzakelijk islamitische bevolking hebben. Jodenhaat is immers, naast geweld en onderdrukking, een kernwaarde van de islam. Maar schijnbaar is het die landen wel toegestaan te discrimineren op grond van ras, land van herkomst en religie. Jodenhaat wordt door de linkse schreeuwers die we nu steeds over Trump horen, wel gewoon geaccepteerd. Ook in Nederland. Zelfs in de sport.

Olympisch antisemitisme
Uitingen van antisemitisme in de sport zijn niet nieuw. Ondanks de Olympische gedachte van sportieve verbroedering is het geen probleem om niet te willen sporten tegen Joden.

De Iraanse judoka Hamed Malekmohammadi weigert in 2001 deelname aan een wedstrijd tegen zijn Israëlische tegenstander. Het tennisteam van Indonesië weigert in 2006 uit te komen tegen het team van Israël in de strijd om de FED cup. Tijdens de Spelen van 2008 weigert Bayan Jumah uit Syrië uit te komen tegen een zwemster uit Israël. De Algerijn Meriem Moussa weigert te boksen tegen Shahar Levi uit Israël. Toen atleet Leonard Mucheru Maina het waagde om deel te nemen aan een marathon in Israël, werd hem zijn Bahreinse staatsburgerschap ontnomen.

Dat u deze voorbeelden misschien niet kent, ligt niet aan u. In tegenstelling tot de maatregel van Trump werd hier namelijk niet tegen gedemonstreerd. Er waren geen uitingen van verontwaardiging in de media. Geen boze, linkse schreeuwers. Zelfs niet toen het recent ook de Nederlandse sport betrof.

Niet voetballen tegen Joden
Vorig jaar was AZ één van de Nederlandse voetbalclubs die mocht uitkomen in de Europa League. Op het programma stond onder andere een wedstrijd tegen het Israëlische Maccabi Tel Aviv. Lang voor de wedstrijden maakte voetbalclub AZ bekend dat haar Iraanse speler Alireza Jahanbakhsh niet zou gaan spelen. ‘AZ wil de Iraanse aanvaller niet in de situatie brengen dat hij in de toekomst eventueel niet meer uit kan komen voor het nationale team van zijn land’, aldus een verklaring van de Alkmaarse club.

Iran haat Israël en het antisemitisme wordt door die staat zorgvuldig gecultiveerd. Een stempel van Israël in het paspoort van Jahanbaksh is genoeg om hem niet alleen uit het Iraanse nationale team te weren, maar leidt zelfs tot een algeheel inreisverbod naar zijn geboorteland.

De speler zelf had een statement kunnen maken door gewoon te spelen. Om zo te laten zien hoe oneens hij het is met het antisemitisch beleid van Iran. Maar klaarblijkelijk ondersteunt hij dit beleid van Jodenhaat. Kennelijk komt hij nog graag terug naar het land dat de Joodse bevolking van de wereldkaart wil vegen. Graag zou hij nog uitkomen voor de nationale ploeg van Iran, alleen natuurlijk niet in een voetbalwedstrijd tegen Joden.

KNVB en AZ ondersteunen zijn Jodenhaat
De keuze van Iraniër Jahanbakhsh is misschien niet verassend. Hij had natuurlijk wel kunnen voetballen tegen een Israëlische club. Hij had hiermee een Rosa Parks kunnen worden, die zich weigert neer te leggen van het antisemitisch beleid van zijn land. Maar daar is moed voor nodig. Hij blijft liever leven. En voetballen. En dat begrijp ik. Dat neem ik hem niet kwalijk.

Maar ik neem het AZ kwalijk, die een speler op de loonlijst houdt, die weigert te voetballen op basis van antisemitische voorkeur. Ik neem het de KNVB kwalijk dat zij toestaat dat voetballers in de Nederlandse competitie niet hoeven spelen tegen Joden, als ze dat niet willen. En ik neem het vooral de linkse schreeuwers kwalijk, die steeds maar brullen over de Tweede Wereldoorlog, maar antisemitisme in de Nederlandse sport stilletjes toestaan.

image

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s